10. Cognitieve stoornissen (het niet registreren van waarneming, geheugenopslag, redenering, emoties: fysiologische/neurologische oorsprong)
Cognitieve processen omvatten alle mentale mechanismen waarmee een individu informatie of kennis kan ontvangen, verwerken, opslaan en gebruiken.
Een cognitieve stoornis wordt gekenmerkt door een geheel van symptomen — met name geheugen- en waarnemingsproblemen — die de AS beletten naar voren te treden en op het juiste moment passend te handelen.
Bij DTTS-stoornissen is het cognitieve functioneren aanwezig, maar wordt het niet normaal geactiveerd. Men moet een aandachtige waarnemer zijn om de uitlokkende factoren en cognitieve reacties bij de AS te herkennen.
‘Je moet AS zijn om alle subtiele cognitieve processen van de AS werkelijk waar te nemen.’